Deze Codex deontologie van de juridische beroepen bevat de deontologische regelen, de beroeps- en de tuchtrechtelijke organisatie van de voornaamste juridische beroepen: de magistraten en het andere rechtbankpersoneel, de notaris, de advocaat, de gerechtsdeurwaarder, de bedrijfsjurist, de accountant, de belastingconsulent en de (erkende) bemiddelaar.
Een volledigheid nastrevende verzameling van wetteksten en gedragscodes van de juridische beroepen bestond tot op heden niet. Slechts voor bepaalde beroepen bestaan gespecialiseerde uitgaven met daarin de deontologische regelen eigen aan het beroep. Vaak bevatten deze uitgaven enkel de specifieke deontologische regelen en niet de relevante bepalingen uit het gemene recht.
Deze codex bevat dan ook in de eerste plaats het Gerechtelijk Wetboek, dat voor de togaberoepen, de gerechtsdeurwaarders en de deskundigen nog steeds de belangrijkste rechtsbron is, zowel wat betreft de deontologische regelen als wat betreft het tuchtrecht.
Met betrekking tot het beroep van advocaat werden tevens de reglementen van de Orde van Vlaamse Balies en de nog van kracht zijnde reglementen van de Nationale Orde van Advocaten opgenomen.
Voorts bevat deze codex de relevante regelen inzake deontologie, tuchtrecht en beroepsorganisatie van het notariaat, de bedrijfsjurist, de accountant, de belastingconsulent en de erkende bemiddelaar
Daarnaast bevat deze uitgave ook de Wet van 2 augustus 2002 betreffende de misleidende en vergelijkende reclame, de onrechtmatige bedingen en de op afstand gesloten overeenkomsten inzake de vrije beroepen en de Preventieve Witwaswet.
Deze uitgave richt zich enerzijds tot de studenten van de masteropleiding Rechten en anderzijds tot al wie beroepshalve geïnteresseerd is in de deontologie, het tuchtrecht en de beroepsaansprakelijkheid van de juridische beroepen.
Bijgewerkt tot 1 juli 2011